Fair, fairder, fairst

De Nieuwe Liefde #9, september 2013

fair fairderDe barricade opgaan, het is al lang niet meer de enige vorm om actie te voeren. Ook als consument kun je ethische overwegingen laten meetellen bij de aankoop van je boodschappen. Kinderarbeid bij de productie van cacao voor je hagelslag bijvoorbeeld. Menig mens verruilt dat liever voor producten die duurzame ontwikkeling tot stand brengen. Keurmerken als Max Havelaar, UTZ Certified en Rainforest Alliance helpen de consument bij het maken bij dit soort beslissingen. Althans, dat is de intentie. Want hoe goed de bedoelingen ook zijn, voor velen blijft het lastig om haarfijn uit te leggen waar keurmerken voor staan en hoe ze werken. Bovendien, hoe betrouwbaar zijn keurmerken nu eigenlijk? De Nieuwe Liefde nam enkele voedselkeurmerken onder de loep. 

Groene glorie
Keurmerken zitten, ondanks de crisis, al enkele jaren in de lift. Volgens de Monitor Duurzaam Voedsel 2012 van het Ministerie van Economische Zaken, steeg de totale consumentenbestedingen van duurzaam voedsel (waar bij de productie en verwerking meer rekening is gehouden met milieu, dierenwelzijn, en sociale aspecten dan wettelijk verplicht is) in 2012 met ongeveer 25 procent (van 1,77 naar 2,22 miljard euro) ten opzichte het jaar daarvoor. Daarbinnen steeg het keurmerk Max Havelaar met 33,1 procent, Rainforest Alliance met 13,6 procent en UTZ Certified met 25,5 procent.

Het gaat dus goed met de verkoop van eerlijke producten. Toch is de wereld verbeteren met een glas fairtrade wijn of beschuitje duurzame hagelslag niet zo simpel als het lijkt. Want het totale marktaandeel van duurzaam voedsel (en dus het beoogde effect) is nog altijd tamelijk bescheiden (5,5 procent in 2012 ten opzichte van 4,4 procent in 2011). En hoe weet de kritische consument nu daadwerkelijk of hij goed zit met zijn keuze?

Verdwalen met een pak hagelslag
Neem een pak hagelslag. In de supermarkt is er veel keuze, waaronder hagelslag met een keurmerk. Zoals die van Venz en De Ruijter, die het bruine vlaggetje met UTZ Certified dragen. Het yin-en-yang-achtige fairtrade logo van Max Havelaar schittert in afwezigheid. Wel ligt er hagelslag van het merk Fair Trade Original, dat overigens weer geen fairtrade keurmerk draagt. Ellie Tap, woordvoerder van Fair Trade Original, een bedrijf dat sinds 1967 formeel eerlijke handel drijft met kleine boeren en sociaal ondernemers in ontwikkelingslanden, verklaart waarom: ‘Dat komt omdat we bietsuiker uit Nederland gebruiken, en geen rietsuiker uit een ontwikkelingsland.’ Volgens de regels van Max Havelaar moeten alle ingrediënten van een product die certificeerbaar zijn, er ook als zodanig inzitten. ‘Vroeger was dat niet zo,’ vervolgt Tap, ‘en was onze hagelslag fairtrade gecertificeerd. Toen Max Havelaar enkele jaren geleden de regels aanscherpte, wilden wij onze cacaoboeren wel de afzet kunnen blijven bieden. Dan maar zonder certificaat.’ Dit jaar waagde Fair Trade Original wederom een poging om hagelslag te maken met rietsuiker. Het bleek tevergeefs, de machines liepen vast.

Ook Tony’s Chocolonely, ontbreekt als merk in het schap van de hagelslag. Ze kampen niet met dit suikerprobleem, integendeel het is hun al gelukt om hagelslag met rietsuiker te maken. Maar ze stellen specifieke eisen aan de verpakking. En tot dusver hebben ze geen leverancier gevonden die volgens hun wensen de verpakking kan produceren. Of de hagelslag er uiteindelijk gaat komen of niet, de vraag is of deze hagelslag fairtrade gecertificeerd gaat worden. Volgens ketenregisseur Arjen Boekhold van Tony’s Chocoloney moet je je niet blind staren op certificering. ‘Het is een middel, nooit een doel op zich. Het doel is om de levensstandaard van een cacaoboer in Ghana te verbeteren. Dat kun je via certificering bereiken, maar er zijn meerdere manieren. Bijvoorbeeld door vaste contracten aan te bieden en langetermijnrelaties aan te gaan met boeren. Wij kennen onze cacaoboeren. Niet dat ik ze persoonlijk alle 529 de hand heb geschud, maar toch. We weten met wie we zaken doen.’

Lange en vaste relaties aangaan met boeren, dat is waar Max Havelaar, het keurmerk voor fairtade, ook op inzet. Want het geeft boeren zekerheid over de afname van hun oogst en dus over hun inkomen. Max Havelaar focust, net als Fair Trade Original en Tony’s Chocolonely, vooral op kleine boeren. Peter d’Angremond, directeur van Max Havelaar, verklaart waarom: ‘Ruim 70 procent van de wereldwijde voedselproductie komt van kleine boeren. Zij zijn ontzettend belangrijk voor de voedselvoorziening. Ook is hun voetprint een stuk kleiner dan die van grote landbouwbedrijven.’ Max Havelaar, de Nederlandse stichting die 25 jaar geleden aan de wieg stond van het fairtrade keurmerk, werkt samen met boerencoöperaties, ofwel organisaties waarin boeren zijn verenigd en hun belangen worden behartigd. De boerencoöperaties krijgen naast eerlijke prijzen ook een premie. Die worden naar eigen believen geïnvesteerd in bijvoorbeeld nieuwe landbouwtechnieken of vergaderruimtes. Ook stelt Max Havelaar eisen aan de arbeidsomstandigheden op plantages van bijvoorbeeld thee en bananen. Bovendien krijgen democratisch gekozen werknemers (via het Joint Body systeem) een premie om deze zelf te investeren in bijvoorbeeld schoolspullen voor kinderen of een computerlokaal.

Opvallend is dat Tony’s Chocolonely het Max Havelaar keurmerk draagt, maar verder wil gaan dan dat alleen. ‘Het stopt voor ons niet bij een certificaat. We willen ook kortere ketens bijvoorbeeld. Zo houd je veel beter direct contact met je leveranciers,’ verklaart Boekhold. Tony’s Chocolonely, werd opgericht in 2006 omdat Teun van de Keuken, destijds bekend van de Keuringsdienst van Waarde, op zoek ging naar slaafvrije chocolade. In West-Afrika trof hij serieuze schendingen aan, waaronder kindslaven die gedwongen werden om meer dan 16 uur onbetaald te werken. Voor het kopen van deze ‘slavenchocolade’, probeerde hij zich te laten veroordelen. Dat lukte uiteindelijk niet, wel laat hij slavenvrije chocolade produceren. Eerst 5.000 repen, later steeds meer. Inmiddels is deze chocolade onderdeel geworden in het assortiment van diverse supermarkten.

Terug naar de hagelslag. In de supermarkt is er nog De Ruijter en Venz, die het keurmerk UTZ Certified dragen. Waarom kan UTZ wel hagelslag certificeren en Max Havelaar niet? ‘Wij certificeren vooralsnog geen suiker, maar in dit geval alleen de cacao,’ vertelt Stephanie de Heer, woordvoerder van UTZ Certified. ‘Cacao, koffie en thee certificeren we, en we zijn bezig met noten en citrusvruchten.’ UTZ is ontstaan vanuit het bedrijfsleven en werkt niet met minimumprijzen, maar laat de prijs afhangen van de marktwaarde. Het keurmerk vraagt afnemers wel een vrijwillige duurzaamheidspremie te betalen die wordt onderhandeld tussen boer en koper. UTZ werkt samen met grote bedrijven zoals Mars en Nestlé. ‘UTZ is daarom marktgelieerd en in staat om grote volumes te genereren’, verklaart De Heer. Overigens werken andere keurmerken ook met bedrijven: Max Havelaar met onder andere Starbucks en Nestlé en Rainforest Alliance met Lipton en Chiquita.

Het groene kikkertje van Rainforest Alliance, waar is die in de schappen van de hagelslag gebleven? Rainforest Alliance, dat zo’n 25 jaar geleden ontstond met het idee het regenwoud te redden, pleit voor duurzaam landgebruik, energiegebruik, erosiebestrijding, waterbeheer en heeft aandacht voor goede arbeidsomstandigheden. In Nederland vind je dit keurmerk op koffie, thee, cacao, bananen en noten. Maar dus niet op hagelslag. Volgens Rainforest Alliance komt dit omdat hagelslag vaak gemaakt wordt onder het principe van massabalans en daar doet Rainforest Alliance (wat betreft cacao) niet aan mee. Massabalans werkt als volgt. Er zijn diverse gecertificeerde cacaoproducenten die leveren aan een fabriek die hagelslag maakt (en vaak nog andere cacaoproducten zoals chocoladerepen of vlokken), maar er is ook een deel cacao dat van niet gecertificeerde producenten komt. Zowel de gecertificeerde als de niet-gecertificeerde cacao worden gemixt. Daar wordt de hagelslag van gemaakt. Nu kan het zo zijn dat er een pak hagelslag is, met certificaat, maar waar in feite helemaal geen gecertificeerde cacao in zit. Volgens De Heer moet er dan wel een soort van disclaimer op het pak hagelslag staan. Hoe dat eruit ziet? De Ruijter vermeldt op de achterkant van het pak hagelslag: Want De Ruijter koopt 100% duurzame cacao voor zijn producten. Je kunt denken: hé, alle cacao is duurzaam in dit pak hagelslag. Maar eigenlijk staat er: De Ruijter heeft meerdere producten en voor sommige producten kopen ze alle cacao duurzaam in en voor sommige producten niet. Uiteindelijk wordt alles gemixt in de fabriek. Dus kan het gebeuren dat er in De Ruijter’s hagelslag met UTZ Certified keurmerk 0 procent duurzame cacao zit. ‘Het is een verhaal dat moeilijk is uit te leggen aan consumenten,’ verklaart De Heer, ‘maar ik geloof er wel in. Het is de enige manier om op te schalen en ook de boeren ondervinden er voordeel van.’ Ze vervolgt: ‘Je vindt het principe van massabalans alleen bij cacao en niet bij koffie of thee, omdat er nog niet genoeg duurzame cacao geproduceerd wordt.’

Ambities waarmaken
Fairtrade en duurzame keurmerken hebben als doel om de levensstandaard van boeren en arbeiders in ontwikkelingslanden te verbeteren. Maar dit lukt niet altijd. Hoe kan dat? ‘Werknemers van een theeplantage in Sri Lanka stelden me tijdens een bezoek een soortgelijke vraag over het achterblijven van hun levensstandaard,’ vertelt D’Angremond, ‘daarop antwoordde ik: eerst moeten de volumes omhoog. Het punt is dat die hele plantage gecertificeerd is. Alleen wordt niet alle thee verkocht als fairtrade, simpelweg omdat er nog niet genoeg afnemers zijn. Die thee krijgt in dat geval geen fairtrade keurmerk, waardoor de werknemers geen fairtrade premie ontvangen en een deel van hun extra inkomsten mislopen. Hierdoor is er minder geld om te investeren in bijvoorbeeld onderwijs.’

Hoe goed de ambities van deze keurmerken ook zijn, het blijft lastig om alles te controleren in de keten. Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO) bracht in 2011 een onderzoeksrapport naar buiten over Unilever’s theeplantages in Kenia, die Liptontee produceert en het Rainforest Alliance keurmerk draagt. Corruptie en seksuele intimidatie door chanterende werkopzichters, zo luidden de belangrijkste conclusies. ‘Dit soort misstanden zijn in strijd met onze standaarden, wij tolereren ze niet,’ verklaart Martine Willems, manager sustainable agriculture relations bij Rainforest Alliance. ‘Als via audits dit soort zaken aan het licht komen, dan verbreken we de relatie met de producent. Overigens hebben wij deze zaken in onze audits, ook als ze onverwacht plaatsvonden, niet gevonden.’ Ze vervolgt: ‘Helaas kunnen we niet garanderen dat er nooit iets mis gaat. Geen enkel keurmerk kan dat overigens.’

Fleur Scheele, onderzoeker bij SOMO verklaart het volgende: ‘Wij zien dat er in de uitvoering soms enkele zaken ontbreken. Zo schort er vaak het een en ander aan de auditing. Auditors praten vaak met door het bedrijf geselecteerde werknemers. Ook bereiden bedrijven zich soms voor op de audits. Daardoor kan de situatie zich rooskleuriger voordoen dan hij in werkelijkheid is.’

De keten is dus nog niet helemaal onder controle. Als je bovendien produceert in een bepaalde regio die zich kenmerkt door corruptie, dan is het niet ondenkbaar dat dit soort problemen zich ook voordoen bij coöperaties in dezelfde regio. Neem het probleem van de cacaosector in West-Afrika. Afgelopen jaar onthulden journalisten van het Nederlands Dagblad (10 november 2012) naar aanleiding van hun onderzoek met Afrikaanse journalisten via het onderzoeksforum FAIR, dat kleine boeren in West-Afrika niet eens wisten dat ze via coöperaties deelnamen aan het fairtrade systeem. Ze zouden geen cent meer krijgen voor hun cacao en geen idee hebben van de extra premie die ze naast de minimumprijzen hoorden te ontvangen. D’Angremond reageert hierop als volgt: ‘In deze regio werken we met ongeletterde boeren en nieuwe, grote boerencoöperaties met duizenden leden en weinig ervaring. De communicatie verloopt niet altijd even goed en er is zeker ruimte voor verbetering. Door samen te werken met boeren, werken we hieraan. Fairtrade is een ontwikkelingsmodel. Dat betekent dat op het moment van zaken doen de situatie niet altijd ideaal is. Dat willen we juist bereiken, maar dat kost tijd. Ik denk dat we dit in het vervolg nog duidelijker moeten communiceren. Gelukkig zien we ook veel vooruitgang in West-Afrika als gevolg van fairtrade.’

Blik op de toekomst
De vraag is of een ideale wereld juist wel of geen keurmerken bevat. ‘Het is heel goed dat er keurmerken zijn en dat ze duurzame ontwikkeling willen stimuleren. Maar ideaal is het niet, want ze fungeren in de praktijk als lapmiddel voor gebrekkig beleid in de productielanden’, aldus Scheele. ‘Ik zou liever zien dat er wettelijke normen gesteld en gehandhaafd worden, zowel op nationaal als op internationaal niveau.’

En hoe zien keurmerken zelf de toekomst voor zich? UTZ Certified ziet traceerbaarheid en transparantie in de keten als grote uitdaging. Niet zozeer alleen voor UTZ, maar voor de sector als geheel. ‘Handelsketens zijn lang en complex en bevatten vaak veel partijen. Dit maakt het des te belangrijker om de keten transparant te houden, zodat je exact weet waar de duurzame producten zich bevinden en of er op correcte wijze mee wordt omgegaan,’ verklaart De Heer. Rainforest Alliance’s uitdaging is om de levensstandaard van kleine boeren te verbeteren. De keurmerkinstantie wil kleine boeren helpen het land duurzaam te bewerken, zodat ook toekomstige generaties ervan kunnen profiteren. Daarnaast ligt er nog veel werk om de volumes gecertificeerde koffie, thee en cacao op te schroeven. Mede daarom zetten ze er vol op in: duurzame producten moeten mainstream worden. Max Havelaar wil werk maken van het uitroeien van kinderarbeid in onder meer West-Afrika. Hiervoor is een programma samengesteld met lokale partners waarbij training van lokale gemeenschappen centraal staat zodat zij zelf kinderarbeid kunnen identificeren en tegengaan. Ook wil het keurmerk programma’s uitbouwen die weerstand bieden tegen de gevolgen van klimaatverandering. Want aardverschuivingen of weggespoelde akkers vormen serieuze bedreigingen voor boeren in ontwikkelingslanden. Daarbij kan het gaan om het aanplanten van bomen zodat het land niet wegspoelt, of experimenteren met andere gewassen die beter bestand zijn tegen het veranderende klimaat.

Ten slotte verwachten alle keurmerken dat gecertificeerde producten op den duur ook verkrijgbaar zijn in de landen waar ze oorspronkelijk vandaan komen. Opkomende economieën als Brazilië en China zullen meer gaan vragen om verantwoorde producten. De uitdaging is om deze schaalvergroting in duurzame banen te leiden.

En de consument? Die heeft behoefte aan eerlijke, toegankelijke informatie. Apps waarmee je bijvoorbeeld de betrouwbaarheid van een keurmerk kan screenen bestaan al. Alleen blijft zoiets vrij algemeen: hiaten in een systeem vind je er niet mee. Uiteindelijk wil een consument niet met apps aan de haal gaan, maar gewoon blindelings kunnen vertrouwen op een pak hagelslag. Hetzelfde geldt voor koffie, thee, bananen, kokosmelk, wijn kortom: al die (sub)tropische producten die al jarenlang ingeburgerd zijn in Nederland.