Verborgen liters

OneWorld magazine, maart 2013, nr. 2. pag  50- 52 

fotoBlijf gerust een minuut langer onder de douche staan. En plassen onder de douche hoeft echt niet. Om serieus water te besparen kun je beter een biefstukje overslaan. Voor 1 kilo rundvlees is namelijk 15.000 liter water nodig (ter vergelijking: 1 douchebeurt kost zo’n 50 à 60 liter water). Dat komt vooral doordat sojateelt, bestemd voor veevoer, liters water verslindt. Ook in je kleding verbergen zich sloten water. Een T-shirt alleen al bevat zo’n 2700 liter, want ook de katoenteelt slurpt bakken water op.

Ook grote hoeveelheden water schuilen er in de productieketen van biobrandstoffen. Om daar meer zicht op te krijgen, ontwikkelde Arjen Hoekstra, professor watermanagement aan de Universiteit van Twente, de watervoetafdruk. Die heeft als doel landen, bedrijven en consumenten bewust te maken van het waterverbruik (en de watervervuiling) binnen productieketens.

Wat is de watervoetafdruk?

De watervoetafdruk (water footprint) is een maat voor het watergebruik van een product, gemeten over de hele productieketen. Zo kun je het waterverbruik per land (of per continent of regio), bedrijf, product (of dienst) en individu nagaan. Je bekijkt dan het totale volume aan zoet water dat wordt gebruikt voor de geconsumeerde goederen en diensten. Bij het waterverbruik is onderscheid gemaakt tussen regenwater (groen), grond- en oppervlaktewater (blauw) en vervuild water (grijs).

Als je per land de voedselafdruk berekent, moet je niet de exportproductie vergeten. Landen als India, China en de Verenigde Staten hebben een grote watervoetafdruk, maar de producten die ze maken, zijn vaak bestemd voor de verkoop in andere landen. Het is dus niet helemaal eerlijk om alleen de herkomstlanden van het product verantwoordelijk te houden voor hun waterverspilling. Landen die de producten afnemen voor consumptie, spelen eveneens een belangrijke rol. Neem de watervoetafdruk van Europa. Die ligt voor veertig procent buiten de Europese grenzen. Naast soja importeert Europa bijvoorbeeld veel suiker en katoen, zogenaamde dorstige gewassen. Ook haalt Europa grote hoeveelheden soja uit Zuid-Amerika binnen. De consumptie binnen Europa is dus sterk afhankelijk van water afkomstig uit andere continenten.

Ook Nederland, waar 89 procent van het totale waterverbruik afkomstig is uit geïmporteerde  producten, verbruikt veel water in het buitenland. Daarnaast kun je de watervoetafdruk per bedrijf bekijken. Veel internationale bedrijven laten hun producten in lagelonenlanden maken. Meestal vanwege die lage lonen, maar soms ook omdat het klimaat gunstiger is voor het telen van het gewas, zoals het geval is bij cacao, bananen, katoen, thee, koffie, suikerriet en soja. De producten zijn uiteindelijk deels of volledig bestemd voor de export. Zowel bedrijven als hun toeleveranciers zijn dus aansprakelijk voor het waterverbruik (en de -vervuiling) in de productielanden. Ook kun je kijken naar het waterverbruik per productgroep. Maar liefst 85 procent van de mondiale watervoetafdruk, is gerelateerd aan de consumptie van landbouwproducten. Tien procent komt van industriële producten en slechts vijf procent van huishoudelijk waterverbruik (in Nederland is dat overigens één procent). Het waterverbruik per individu wordt dus niet zozeer bepaald door wat er uit de kraan komt, maar door wat er uit de grond komt. Toch houdt de watervoetafdruk ook rekening met het gebruik van douche, toilet, centrale verwarming etc., want het gaat om het totaalplaatje. Op basis van het totaal aan geconsumeerde producten en diensten wordt berekend hoeveel liter per jaar je verbruikt, en dat is dan je watervoetafdruk.

Water in overvloed?

In een land van polders, gemalen en dijken is het lastig voor te stellen dat er niet genoeg water is. Ons aardoppervlak bestaat inderdaad voor zo’n zeventig procent uit water. Slechts drie procent hiervan is zoet water, waarvan slechts een klein deel beschikbaar is voor consumptie. Sommige regio’s kampen in bepaalde periodes met waterovervloed, terwijl er in andere gebieden dan juist weer een tekort is. Onze planeet reguleert wateraanvoer via de waterkringloop. Het water stapelt zich op in de vorm van wolken. Vervolgens valt het als neerslag op de aarde om vervolgens opnieuw te verdampen. De mens kan deze kringloop verstoren, bijvoorbeeld via grote stuwdammen of irrigatie van intensieve landbouw. Het zoetwatertekort in de wereld lijkt dan ook vooral een probleem van verdeling te zijn. Neem het fenomeen landjepik (land grabbing). Het gaat rijke landen niet alleen om de grond die ze opkopen in ontwikkelingslanden, juist het water is van essentieel belang. Zonder water kun je immers geen voedsel verbouwen. Dat geldt voor een land als Saudi-Arabië, dat zelf veel grond heeft, maar vooral woestijngrond. Daarom kopen investeringsmaatschappijen uit het land gebieden in Afrika op die wel geschikt zijn voor landbouw- en voedselproductie. Grootschalige, waterslurpende landbouwprojecten worden er opgezet. De oogst is bestemd voor export. Dit soort landbouw toepassen in gebieden die van oudsher al gevoelig zijn voor droogte, is vragen om moeilijkheden. In het ergste geval wordt de watervoorziening voor lokale boeren dusdanig verstoord dat hun akkers verdorren, de oogsten mislukken en het vee sterft. Drinkwater wordt schaars en honger ligt op de loer.

Water is broodnodig

Niet alleen de landbouw heeft water nodig, ook de mens kan niet zonder: om te drinken, te douchen en de wc door te spoelen. 900 miljoen mensen hebben momenteel nog geen toegang tot drinkwater, 2,5 miljard mensen missen sanitaire voorzieningen. Gebrek aan schoon water kan uitdroging en ziekten veroorzaken. Schoon water is dus een vereiste voor een goede gezondheid. De natuur kan ook niet zonder zoet water. Denk aan moerassen, meren, rivieren en mangrovebossen die met hun planten en dieren behoren tot bijzondere ecosystemen. Bij overstromingen en heftige regenval slaan ze het water op, terwijl ze in drogere periodes fungeren als reservoir. Bij een storm of tyfoon doen ze windsnelheden afnemen. Ook breken die ecosystemen afval af, gaan ze erosie tegen en reguleren het klimaat.

De kraan dicht?

De druk op de wereldwijde watervoorziening neemt toe, volgens de Verenigde Naties. Dat komt onder meer door het groeiend aantal monden dat gevoed moet worden en door klimaatverandering die tot droogtes kan leiden. De toenemende economische ontwikkeling en urbanisatie vereisen zoet water. Beter watermanagement en efficiëntere landbouw zijn nodig voor de toekomst. Ook vervuiling dient aangepakt te worden, door afvalwater te recyclen of schoon te lozen. Bedrijven kunnen bovendien transparanter zijn in de rapportage van hun waterverbruik. Dat is nuttig voor consumenten die bewust voor producten willen kiezen waarbij minder water is verbruikt. En het is handig voor investeerders die criteria rond duurzaam waterbeheer meenemen in hun investeringsafwegingen.

Wat kun je zelf doen?

Wil je meer weten over het waterverbruik per product, check dan de website  www.waterfootprint.org. Daar kun je ook je eigen watervoetafdruk berekenen. In de uitgebreide versie vul je in wat en hoeveel je eet, hoe lang je onder de douche staat en hoe vaak je de planten water geeft.

Wil je direct je waterverbruik verminderen? Let er dan bijvoorbeeld op dat je zo min mogelijk voedsel verspilt. Eten weggooien is indirect een verspilling van het water dat tijdens het productieproces nodig was. Minder vlees eten helpt ook. In het overzicht op pagina 50 en 51 zie je van een aantal levensmiddelen hoeveel water ervoor verbruikt is.

Op 22 maart 2013 is het Wereldwaterdag. Nederland is gastland voor de internationale viering, die dit jaar in het teken staat van Water Samenwerking. Dit omdat 2013 door de VN is uitgeroepen tot het jaar van de internationale samenwerking op het gebied van water. www.wereld-water-dag.nl